zondag 4 december 2016

Appeltaart

Appeltaart
Druk, druk, druk hebben we het allemaal wel eens. En voor een keer vind ik dat ook niet erg, maar als het moment van drukte vlak voor de verjaardag van mijn moeder valt en ik daardoor niet in de gelegenheid ben een taart voor haar te bakken, dan is dat wel heel vervelend. 

Het is natuurlijk geen wereldramp, maar in de afgelopen jaren zijn mijn zelfgebakken taarten wel een soort van traditie geworden. Gelukkig vond mijn moeder het niet erg om een keer gebak bij de plaatselijke bakker te kopen, maar de rest van mijn familie en de vrienden van mijn moeder waren nogal teleurgesteld. 

Maar taart van de bakker eten heeft ook zo zijn voordelen, ik deed namelijk meteen inspiratie op voor deze appeltaart. En het is echt een verrukkelijke taart geworden. 

Op de bodem ligt een laagje amandelspijs met daarop een dikke laag zoete appelblokjes met kaneel en een krans van zachte appelschijfjes. Hij smaakt naar de herfst en naar ’s zondags op de koffie bij oma. Mijn moeder heeft hem alvast ‘besteld’ voor volgend jaar. 


Ingrediënten
  • ca. 2750 g stevige fris-zure appels
  • 8 el citroensap
  • 175 g kristalsuiker
  • 5 el maizena
  • 3 tl kaneel
  • 300 g bloem 
  • 1 tl bakpoeder
  • snufje zout
  • 100 g witte basterdsuiker
  • 1 zakje vanillesuiker
  • 150 g roomboter, in blokjes
  • 2 eieren
  • 1-2 el ijskoud water
  • 250 g amandelspijs
  • 3 rode handappels
  • 1 zakje Taartina (taartgelei)
  • appelsap
Extra nodig
Springvorm van 24 cm doorsnee, ruime pan, steelpan, vergiet, foodprocessor
Tijd (ongeveer)
> 60 minuten bereiding, 50 minuten oven, 1 nacht wachten


  • Schil de appels, deel ze in vieren, verwijder het klokhuis en snijd ze in blokjes. 
  • Breng de appelblokjes samen met het citroensap en de kristalsuiker in een ruime pan aan de kook. 
  • Laat de appelblokjes onder af en toe roeren circa 3 minuten smoren met het deksel op de pan, tot ze beetgaar zijn.
  • Giet de appels af en vang het vocht op.  
  • Roer 8 eetlepels van het vocht samen met de maïzena tot een glad papje en voeg dan 3 tl kaneel toe. Bewaar de rest van het kookvocht. 
  • Roer het maizena-papje door de appels.
  • Breng de appels weer aan de kook en haal dan de pan van het vuur. Laat de appels afkoelen. 
  • Vet de springvorm in.
  • Doe de bloem, het bakpoeder, een snufje zout, de witte basterdsuiker, de vanillesuiker, de roomboter, 1 ei en eventueel 1-2 lepels ijskoud water in een foodprocessor en meng door elkaar (of gebruik je mixer met deeghaken). 
  • Stort het deeg op je werkvlak en kneed alles met koele hand tot een soepel en samenhangend deeg. 
  • Bestuif je werkvlak met bloem en rol het deeg uit tot een ronde lap. Bekleed hiermee de springvorm. Snijd het deeg dat over de rand hangt nog niet weg.
  • Prik het deeg op de bodem meerdere keren in met een vork. Zet de vorm circa 30 minuten koud weg in de koelkast. 
  • Verwarm de oven voor op 200°C.
  • Klop een ei los. Doe de amandelspijs in een kom en roer er 3/4 van het losgeklopte ei door. 
  • Haal de vorm uit de koelkast. Snijd met een mes het overtollige deeg weg. 
  • Spreid de amandelspijs over de bodem uit.  
  • Schep de afgekoelde appels in de springvorm en druk stevig aan.
  • Gebruik het overgebleven deeg om een rand voor de taart te maken. 
  • Bestrijk de rand met het overgebleven losgeklopte ei.
  • Bak de taart in ongeveer 50 minuten in de midden van de voorverwarmde oven gaar. Laat de taart in de vorm afkoelen. 
  • Plaats de taart afgedekt een nacht in de koelkast. 
  • Vul een ruime pan met water en breng dit aan de kook. 
  • Schil ondertussen de 3 rode appels, verwijder de klokhuizen en snijd ze in plakjes. 
  • Blancheer de appelschijfjes ca. 45 seconden in het kokende water. 
  • Giet de appelschijfjes af en koel ze af onder koud water. 
  • Laat de appelschijfjes uitlekken en dep ze droog.
  • Verdeel de appelschijfjes over de taart.  
  • Doe het achtergehouden kookvocht in een maatbeker en vul aan met appelsap tot 400 ml. 
  • Doe de inhoud van het zakje taartgelei in een kommetje en voeg 4 eetlepels van de vloeistof toe. Roer door elkaar. 
  • Breng de resterende vloeistof in een steelpan aan de kook. 
  • Neem zodra de vloeistof kookt de pan van het vuur en giet er het papje bij. 
  • Breng het geheel onder voortdurend roeren opnieuw aan de kook. 
  • Laat de gelei iets afkoelen en verdeel deze daarna royaal met een kwastje over de gehele bovenzijde van de taart. 
  • Plaat de taart terug in de koelkast om de gelei te laten opstijven.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen