zondag 25 november 2012

Banketletter (Amandelboterletter)

Banketletter (Amandelboterletter)

♫ ‘O kom er eens kijken, wat ik in mijn schoentje vind. Alles gekregen van die beste Sint. Een pop met vlechtjes in het haar. Een snoezig jurkje kant-en-klaar. Twee kaatseballen in een net. Een letter van banket.’♫ 

Net als strooigoed, taaitaai en cadeautjes zijn ook de banketletters en banketstaven onlosmakelijk met het sinterklaasfeest verbonden. 

Zelf een banketletter maken is helemaal niet moeilijk. Alles wat je nodig hebt is (roomboter)bladerdeeg, amandelspijs (of banketbakkersspijs) en een ei om het deeg mooi te laten glanzen. 


Wanneer de banketletter uitsluitend gemaakt is van amandelspijs en roomboterbladerdeeg, wordt er officieel gesproken van een amandelboterletter. Persoonlijk vind ik dat je het lekkerste resultaat krijgt als je zowel de amandelspijs als het roomboterbladerdeeg zelf maakt. Het recept voor deze feestelijke lekkernij komt uit het boek De Banketbakker van Cees Holtkamp.

Tip: als je moeite hebt met het rollen van een lange ronde sliert amandelspijs, dan kun het spijs ook in tweeën verdelen en twee kleine banketletters maken in plaats van één grote. 

Ingrediënten
  • 200 g blanke amandelen (geen amandelschaafsel)
  • geraspte schil van ½ citroen
  • 200 g kristalsuiker
  • 2 eieren
  • 500 g bloem
  • 450 g roomboter
  • 275 g koud water
  • 10 g zout
Extra nodig
Keukenmachine, deegroller, huishoudfolie, een met bakpapier beklede bakplaat
Tijd (ongeveer)
40 minuten bereiding, 30 minuten oven, minimaal één week wachten

  • Maak eerst de amandelspijs. Doe hiervoor de 200 g blanke amandelen, de citroenschil en de kristalsuiker in een keukenmachine en draai ze tot een grof mengsel. 
  • Klop 1 ei los en giet dit er geleidelijk bij. Blijf malen tot het een kneedbare massa is, waarin nog minieme stukje amandel te proeven zijn.
  • Laat het mengsel, goed verpakt, minstens één week (maar het liefst langer) in de koelkast liggen om de smaken goed op elkaar te laten inwerken.
  • Kneed voor het roomboterbladerdeeg de bloem met 100 g roomboter, het water en het zout tot een deegbal: kneed niet te lang. Laat het deeg 15 minuten rusten.
  • Druk het deeg plat en rol er vier punten aan. Plaats 350 g roomboter in het midden van het deeg en vouw de punten eroverheen. Druk het deeg plat met een deegroller.
  • Rol het deeg in de lengte uit tot een lange lap en vouw het deeg in vieren tot (ongeveer) een vierkant pakketje. Draai het deeg een kwart slag, rol het weer uit in de lengte en vouw het weer in vieren. 
  • Verpak het deeg in huishoudfolie en laat het deeg 60 minuten rusten in de koelkast. 
  • Herhaal de vorige twee stappen.
  • Rol vervolgens het deeg weer in de lengte uit en vouw het deeg in vieren. Draai het deeg een kwart slag, rol het voor de laatste keer uit in de lengte en vouw het weer in vieren. 
  • Het bladerdeeg is nu klaar voor gebruik. Je hebt 250 gram nodig voor deze banketletter/amandelboterletter. Het deeg dat overblijft kan, mits goed verpakt, in de vriezer bewaard worden.
  • Verwarm de oven voor op 210°C.
  • Rol 350 g amandelspijs met de handpalmen uit tot een ronde sliert van 50 cm lang. Als de amandelspijs stug is kan er wat geklopt ei doorheen gekneed worden om het makkelijker te kunnen uitrollen.
  • Rol 250 g bladerdeeg uit tot 54 x 13 cm. Smeer het bladerdeeg met een kwastje licht in met water. Leg de amandelspijs erop en rol het bladerdeeg op. Plak de zijkanten dicht. 
  • Vorm een letter (de letter S en M zijn het makkelijkst te vormen) en bestrijk de bovenkant van de letter met wat losgeklopt ei. Leg de letter op de met bakpapier beklede bakplaat.
  • Bak de letter 30 minuten in de voorverwarmde oven.

1 opmerking: